U bent hier: Home / Toolbox / Doen / Juridische informatie en procederen / Juridische basisbegrippen / Voorlopige voorziening

Voorlopige voorziening

Een voorlopige voorziening is een tijdelijke maatregel, die de rechter kan treffen om bepaalde gevolgen van een besluit te voorkomen. Hij kan het besluit bijvoorbeeld tijdelijk schorsen (buiten werking stellen) of een andere tijdelijke voorziening treffen.

Inleiding
Procedure stap voor stap

Inleiding

Een voorlopige voorziening is een tijdelijke maatregel, die de rechter kan treffen om bepaalde gevolgen van een besluit te voorkomen. Hij kan het besluit bijvoorbeeld tijdelijk schorsen (buiten werking stellen) of een andere tijdelijke voorziening treffen.

Als je zienswijzen, bezwaar of beroep hebt ingesteld, wil dat niet zeggen dat het besluit niet mag worden uitgevoerd. Zodra een omgevingsvergunning is verleend voor het kappen van een boom, mag deze worden gekapt, ook al loopt er een zienswijze-, bezwaar- of beroepsprocedure. Als de kap tot onherstelbare schade of onomkeerbare gevolgen leidt, kun je vragen aan de rechter om het besluit tijdelijk te schorsen, of een tijdelijke maatregel te treffen. Dat kan alleen als je al een bezwaar- of beroepschrift hebt ingediend en als er sprake is van "onverwijlde spoed", gelet op de belangen, die voor jou in het spel zijn.

De voorzieningenrechter zal bij de beoordeling van het verzoek een afweging maken tussen jouw belangen, of de belangen die jouw rechtspersoon vertegenwoordigt, en die van degene die baat heeft bij het besluit, zoals de vergunninghouder.

Procedure stap voor stap

  1. Het verzoek om voorlopige voorziening
    Een verzoek om schorsing of voorlopige voorziening dien je schriftelijk in bij de Voorzieningenrechter van de rechtbank of Raad van State. In het besluit waar je beroep tegen aantekent staat bij welke rechter je moet zijn, en wat het adres is.
    Geef in je verzoek aan waarom er sprake is van een spoedeisend belang. Er is bijvoorbeeld sprake van een spoedeisende belang als overduidelijk is dat het besluit bijna wordt uitgevoerd, en als de situatie daardoor onomkeerbaar verandert. Als er geen voorlopige voorziening getroffen wordt betekent dat dat een uitspraak over het bezwaar of beroep eigenlijk geen zin meer heeft, omdat de boom al is gekapt, bijvoorbeeld.
  2. Griffierecht
    Voor de behandeling van een verzoek om schorsing of voorlopige voorziening worden griffiekosten in rekening gebracht, die je tijdig moet betalen. Het griffierecht is hetzelfde als bij het instellen van beroep en bedraagt 152 euro voor een of meerdere natuurlijke personen en 302 euro voor een of meerdere rechtspersonen (groepen, organisaties). Je kunt in je verzoek om voorlopige voorziening vragen om de tegenpartij te veroordelen in de proceskosten. Dat wil zeggen dat je het bestuursorgaan je kosten (griffierecht, kosten advocaat) moet vergoeden als het verzoek wordt toegewezen.
  3. De uitspraak
    De Voorzieningenrechter doet meestal schriftelijk uitspraak nadat er een zitting heeft plaatsgevonden. In uitzonderlijke gevallen kan mondeling uitspraak worden gedaan of uitspraak worden gedaan zonder dat er een zitting heeft plaatsgevonden. De voorziening die de rechter treft hoeft niet persé schorsing in te houden. De rechter kan ook een andere voorziening treffen, bijvoorbeeld het verbinden van bepaalde voorschriften aan een vergunning (zoals geluidsbeperkende voorschriften).
    Ook kan de rechter bepalen hoe lang de voorziening geldt.  Ze geldt in elk geval niet langer dan het moment dat de rechter een uitspraak heeft gedaan op het beroepschrift, want daaruit blijkt of het bestreden besluit in stand blijft of vernietigd wordt.
  4. Opheffing en wijziging
    Als de omstandigheden wijzigen kan de getroffen voorziening worden opgeheven of gewijzigd. Daar kunnen de belanghebbenden ook om verzoeken.

 Een Modelbrief voor een verzoek om voorlopige voorziening vindt u onder: voorbeeldbrieven.

Opmerkingen

Wil je reageren? Meld je aan!